Onderstaande lezersbrief hebben Els Keytsman en Peter Tom Jones verzonden naar De Standaard als reactie op het zoveelste klimaatsceptische artikel, ditmaal van Emiel Verbroekhoven (DS, 18 juni).

Wat Emiel Van Broekhoven in DS van 18 juni in zijn column durft schrijven toont aan dat de professor personal finance bijzonder weinig kaas heeft gegeten van klimaatverandering.

Laten we beginnen met de aangehaalde gezagsargumenten van “leidinggevende wetenschappers” zoals hij zijn bronnen noemt. Richard Lindzen is weliswaar professor metereologie aan het Massachussets Institute of Technology, maar de man krijgt al meer dan 10 jaar geen teksten gepubliceerd in vakbladen als Nature of Science. Lindzen kan trouwens via verschillende organisaties worden gelinkt aan onder meer ExxonMobil. Professor Revelle is dan weer reeds overleden in 1991, en sindsdien is de klimaatwetenschap er toch wel enigzins op vooruit gegaan. De “stevige wetenschappelijke documentatie” van Salomon Kroonenberg ten slotte bulkt van de wetenschappelijke onjuistheden en is gebaseerd op verouderde gegevens. Zijn boek “De menselijke maat” werd dan ook aan geen enkele vorm van peer review kwaliteitscontrole onderworpen.

Ondanks de pogingen van enkelen om een rookgordijn op te trekken en zo verwarring te scheppen bij de gewone bevolking, blijft het feit dat er weldegelijk wetenschappelijke consensus is wat betreft klimaatverandering: de menselijke activiteit is veruit de grootste oorzaak van het versterkte broeikaseffect. De wijzigende zonneactviteit speelt hoogstens een kleine nevenrol in het opwarmingsverhaal, zoals duidelijk werd erkend in het jongste VN-klimaatrapport.

In andere landen beseft men echter maar al te goed wat de economische implicaties kunnen zijn van de klimaatverandering. Al in september 2004 wees de Conference Board, een belangrijke lobbygroep van 2000 bedrijven van over heel de wereld, ook multinationals, al op het grote gevaar van de opwarming van de aarde en drong hij aan op een krachtig optreden van overheden en privé-bedrijven. Nicholas Stern, voormalig medewerker van de Wereldbank, schat de kost van niets doen op 5 tot 20% van het wereldwijde BNP. Niet voor niets heeft elke Londense bank een klimatoloog in dienst. Ook verzekeringsmakelaars weten maar al te goed waar de klimaatklepel hangt. Swiss Re, ’s wereld grootste herverzekeraar, heeft al meermaals gewaarschuwd voor de opwarming van de aarde die de verzekeraars zal opzadelen met steeds hogere schadeclaims als gevolg van natuurrampen. En ook op het recente World Economic Forum in Davos pleitten heel wat bedrijven uit verschillende landen voor onder meer emissierechtenhandel.

Niet alleen zijn de aangehaalde bronnen lachwekkend, ook de redenering van Van Broekhoven houdt geen steek. Al blijft hij hardnekkig de vele wetenschappelijke bewijzen voor klimaatverandering naast zich neerleggen, dan nog is het economisch voordeliger om in plaats van steeds maar hogere energiefacturen te betalen, te investeren in energiebesparing en -efficiëntie. Veel eco-investeringen halen ook hogere rendementen dan een spaarboekje, obligaties of aandelen. Voor iemand die boeken en artikelen schrijft over persoonlijke financiële planning moet dat toch goed in de oren klinken?

Els Keytsman en Peter Tom Jones, auteurs van Het klimaatboek. Pleidooi voor een ecologische omslag. (EPO, 2007).