Interview met Peter Tom Jones in De Standaard van 23 februari 2008.

We weten wel dat de aarde opwarmt, maar we doen er niets aan. ‘Omdat groene keuzes duurder zijn, omdat we alleen aan het hier-en-nu denken en omdat we nu eenmaal onduurzame gewoontes en routines hebben’, zegt klimaatexpert Peter Tom Jones.

De Europese Commissie besliste een maand geleden dat België tegen 2020 zijn CO2-uitstoot met 15 procent moet verminderen en dat 13 procent van zijn verbruik uit hernieuwbare energie moet komen. Om de opwarming van de aarde tegen te gaan, zijn dat absolute minima, volgens klimaatexperts zijn deze engagementen een absoluut begin. Toch is het nog steeds business as usual want er zijn geen politici die grootse plannen bekendmaken om radicaal het roer om te gooien. “Het politiek systeem is gericht op het hier-en-nu. De drempel die daarvan uitgaat, is niet te onderschatten. De resultaten van een goed klimaatbeleid zijn pas op middellange termijn zichtbaar, terwijl de kosten wel nu gedragen moeten worden”, zegt Peter Tom Jones, burgerlijk ingenieur milieukunde en doctor in de toegepaste wetenschappen.

Van onze redactrice Inge Ghijs (BRUSSEL)

Maar ook het bedrijfsleven ziet het blijkbaar niet zitten. Het VBO zei dat de inspanning die aan België wordt gevraagd, te hoog is. Topman Rudi Thomaes waarschuwde ervoor dat België dreigde te verarmen en jobs zou verliezen.

‘Zo’n uitspraak van het VBO maakt me erg boos. Een ecologisch verantwoorde economie is een positief verhaal, het wordt tijd dat men dat inziet. Het Europees vakverbond heeft een rapport gemaakt over de gevolgen van een klimaatbeleid voor de werkgelegenheid. Het komt tot de conclusie dat als we in de EU tegen 2030 onze CO-2-uitstoot met 40 procent verminderen, het aantal jobs met 1,5 procent zou toenemen. Hernieuwbare energie vraagt meer jobs dan kernenergie. Er zullen nieuwe bedrijven ontstaan die de missing links zullen vormen tussen andere bedrijven om afvalstromen nuttig in te zetten. Hier zijn veel mogelijkheden, maar er is vooralsnog te weinig onderzoek naar.’ ’In datzelfde rapport staat ook dat de gezondheidskost dankzij een klimaatbeleid drastisch zal dalen. Door schone technologie en een duurzaam beleid in industrie en transport zal er immers ook minder fijn stof en smog in de lucht zitten.’

In een rapport dat vorige week werd voorgesteld tijdens de European Business Summit, werd ook gewaarschuwd dat als Europa niet oppast, het de boot om een nieuwe klimaatgedreven industrie op te bouwen, zal missen.

‘Toch is er bij ondernemingen veel aan het veranderen. De koplopers in de industrie beseffen maar al te goed dat een groen productiebeleid een opportuniteit is in plaats van een last. De petrochemie begint na te denken over een omschakeling naar biomassa als grondstof voor haar producten. Sidmar staat inzake efficiëntie aan de top in zijn domein. Umicore is volledig gewonnen voor het hoogwaardig sluiten van kringlopen. Grote bedrijven zijn niet groen omdat het mode is maar omdat het in hun eigen belang is om eco-efficënt te worden. Dat je met een groen beleid winst kunt maken, weten ze bij Umicore maar al te goed. Wij leven in een land dat alle kennis in handen heeft: Imec is wereldleider op het vlak van zonnecellen. Des te erger is het dat de overheid niet massaal de groene kaart trekt.’

Volgens het IPCC, de klimaatorganisatie van de VN, moet tegen 2050 de CO2-uitstoot met 50 procent dalen. Dat betekent voor het Westen een daling met 80 procent. Is dat wel realistisch?

‘Er zijn twee complementaire wegen om de duurzaamheidstransitie te realiseren: gedragswijziging én eco-efficiëntie (slimme en zuinige technologie, sluiten van kringlopen). Voor een groot deel is die kennis al beschikbaar. Soms volstaat de technologie. Voor wonen bijvoorbeeld. De milieu-impact van onze manier van wonen (verwarming, elektriciteitsgebruik) kan met 75 procent verminderd worden als we de techniek van passiefhuizen zouden gebruiken. En dat voor een meerkost van 8 tot 10 procent tijdens de aankoop van de woning. Dat is meteen terugverdiend.’

‘Om de milieu-impact van mobiliteit even drastisch te verminderen, hebben we de best beschikbare technologie nodig om propere en zuinige wagens te produceren, maar daarmee zullen we er niet komen. We moeten ook ons gedrag aanpassen: meer openbaar vervoer, meer met de fiets, car sharing… Daar is politieke wil en een maatschappelijk draagvlak voor nodig.’ ’Wat voeding betreft moeten we het bijna volledig hebben van ons gedrag. De vleesconsumptie is volgens de VN-landbouworganisatie verantwoordelijk voor 18 procent van de broeikasgassen: niet alleen CO2 maar ook het veel schadelijkere lachgas. Hier kun je alleen iets aan doen door veel minder vlees te eten en meer regionale en seizoensgebonden producten.’

We zijn wel bereid om nieuwe technologie aan te schaffen, maar helaas veel minder bereid om ons gedrag aan te passen.

‘Het grootste deel van de bevolking is zich goed bewust van de milieuproblematiek. Maar mensen passen vooralsnog hun gedrag niet aan. Dat komt door vier types van barrières: ten eerste een structurele barrière door het politieke kortetermijndenken en de foutieve economische prijszetting. Het is toch pervers dat een vliegtuigticket naar Zuid-Frankrijk tien keer goedkoper is dan een treinticket. Een tweede barrière is er door het dominante hier-en-nu-denken. Nu we volop aan het botsen zijn op de grenzen van de draagkracht van de aarde, hebben we juist behoefte aan een planetaire visie op lange termijn. Ten derde is er een barrière op het vlak van attitudes: er zijn nog altijd klimaatsceptici die beweren dat er geen probleem is. De invloed hiervan is nefast. En tenslotte heb je de barrière van ons persoonlijk gedrag: wij hebben nu eenmaal onduurzame gewoonten en routines.’

Hoe bereik je dan dat mensen hun gedrag wel aanpassen?

‘In de Engelse vakliteratuur spreken ze over de vier e’s. Ten eerste enable: maak verandering mogelijk, aantrekkelijk en eenvoudig. Als ik in Limburg een lezing moet geven, dan is er wegens het gebrekkige aanbod keer op keer een probleem om na 22.30 uur per trein terug te geraken.’ ’Encourage, moedig gedragsverandering aan. Bijvoorbeeld door duurzame keuzes financieel aantrekkelijk te maken. Exemplify houdt in dat de overheid als grootste consument in een economie het goede voorbeeld moet geven. Een groen openbaar aanbestedingsbeleid kan een wereld van verschil maken. Door massaal over te schakelen op milieuvriendelijke producten en diensten geeft de overheid een extra stimulans aan deze nieuwe sectoren (bijvoorbeeld passiefhuizen en hernieuwbare energie).’

‘Het gedrag van de overheid heeft een enorme signaalfunctie. Inconsistente keuzes ondermijnen alle andere pogingen om duurzaamheid te promoten. Neem nu de VRT. Canvas brengt het programma Iedereen eco, over de manieren waarop je je ecologische voetafdruk kunt verkleinen. Maar in Vlaanderen vakantieland roept men de kijkers op om goedkoop naar Nieuw-Zeeland te vliegen. Terwijl de voetafdruk van zo’n reis ongeveer even groot is als het eerlijke aarde-aandeel dat per persoon per jaar beschikbaar is. Ten slotte, engage: betrek zoveel mogelijk mensen bij veranderingsprocessen. De klimaatwijken, waarbij verschillende mensen in een wijk samen proberen om hun CO2-uitstoot te verminderen, zijn daar een prachtig voorbeeld van. Samen is plezanter dan alleen.’